
De bedrijfsleermeester en de verantwoordelijke theoriedocent meten voorturend het inzicht van de leerling door erop toe te zien dat de vereiste lesblokken met goed gevolg worden doorlopen; zoals duidelijk beschreven in het werkboek dat de leerling geregeld met zich meebrengt. De opleiding wordt afgesloten met een ‘proeve van bekwaamheid’.
